Welke soort epileptische aanvallen zijn er?

Epileptische aanvallen zijn grofweg onder te verdelen in drie typen, namelijk focale aanvallen (voorheen partiële aanvallen genoemd), gegeneraliseerde aanvallen en aanvallen met een (vooralsnog) onbekend begin. Focale aanvallen ontstaan vanuit een plek in één hersenhelft (en kunnen zich daarna ook verspreiden naar de andere hersenhelft). Gegeneraliseerde aanvallen ontstaan direct of zeer snel vanuit beide hersenhelften. Bij aanvallen met een onbekend begin is het (nog) niet helemaal duidelijk waar de aanvallen precies ontstaan, bijvoorbeeld omdat er te weinig informatie voorhanden is om zeker te weten om wat voor type aanval het gaat.

  • Focale aanvallen met intacte gewaarwording (voorheen eenvoudig partiële aanvallen genoemd). Deze aanvallen houden meestal enkele minuten aan en zijn zo licht, dat een omstander ze nauwelijks opmerkt. Iemand is volledig bij bewustzijn, maar kan wel plotselinge spiersamentrekkingen in arm, been of gezicht hebben. Ook kunnen de smaak en reuk tijdelijk veranderen. Iemand ruikt dan bijvoorbeeld een penetrante dennenappelgeur, terwijl men niet in een bosrijke omgeving is. Waar iemand precies last van heeft, is afhankelijk van het gebied in de hersenen waarin de storing zich bevindt.
  • Focale aanvallen met verminderde gewaarwording (voorheen complex partiële aanval genoemd). Het bewustzijn is dan deels (of geheel) verstoord, waardoor iemand verward of suf is. Tijdens de aanval zijn handelingen als wriemelen, plukken, kauw- en smakbewegingen of zelfs rondlopen waar te nemen.
  • Een focale epileptische aanval kan overgaan in een gegeneraliseerde aanval. De plaatselijke kortsluiting breidt zich dan uit naar de gehele hersenen. In dat geval wordt gesproken over een focaal naar bilateraal tonisch-clonische aanval (voorheen secundair gegeneraliseerde aanval).
  • Tonisch-clonische aanval. Dit is verreweg de bekendste vorm van een epileptische aanval maar niet de meest voorkomende. Eerst verkrampt het lichaam en verliest iemand het bewustzijn, later komen daar de schokkende en trekkende bewegingen met armen, benen en hoofd bij. Dit belemmert een rustige ademhaling, waardoor iemandblauw kan aanlopen. Ook laat iemand soms urine lopen. Zo’n tonisch-clonische aanval duurt een tot enkele minuten. Na de aanval kan iemand zich er niks van herinneren.
  • Absences. Absences komen meestal voor bij kinderen. Bij volwassenen komt het veel minder vaak voor. Iemand met een absence stopt plotseling midden in een handeling en staart dan 3 tot 30 seconden voor zich uit. Het lijkt alsof hij aan het dagdromen is. Daarna gaat hij weer verder met waarmee hij bezig was. Van de absence kan iemand zich naderhand niks meer herinneren.
  • Myoclonische aanval. Bij een myoclonische aanval heeft iemand spierschokken en kort bewustzijnsverlies. Soms merkt de persoon zelf of de omgeving niet eens dat deze persoon een epileptische aanval heeft. Soms gaat een arm slechts één keer op en neer of trilt alleen het ooglid.
  • Tonische aanval. Dit is grotendeels vergelijkbaar met een tonisch-clonisch aanval, alleen ontbreken de stuiptrekkingen. Het lichaam verstijft dus alleen.
  • Clonische aanval. Dit is eigenlijk het tegenovergestelde van een tonische aanval: De ledematen bewegen in zich herhalende ritmische schokken, maar de lichaamsverstijving blijft uit.
  • Atone aanval. Hierbij verliest iemand plotseling alle kracht in het lichaam, waardoor hij slap op de grond valt. Een dergelijke aanval wordt daarom ook wel een valaanval genoemd. Deze bewusteloosheid duurt meestal maar een paar seconden. Door de plotselinge val kan iemand zich echter wel lelijk bezeren. Daarom zullen artsen ook aanraden om een valhelm te dragen als dit soort aanvallen zich herhaaldelijk voordoen.

Op de website van het Epilepsiefonds kun je video’s vinden waar verschillende epileptische aanvallen in beeld zijn gebracht. Zo kun je herkennen hoe een aanval eruit kan zien.

Status epilepticus

Een epileptische aanval duurt meestal enkele seconden tot een paar minuten. Het kan echter gebeuren dat een aanval langer dan 5 minuten aanhoudt, of dat meerdere aanvallen elkaar opvolgen. Men spreekt dan van een status epilepticus. Dit komt zelden voor, maar is wel zeer gevaarlijk. Noodmedicatie is dan noodzakelijk. Noodmedicatie wordt voorgeschreven door de behandelend neuroloog. Deze geeft ook een toelichting op het gebruik ervan.

Laatst bijgewerkt op 26 juni 2018

Pagina laatst aangepast op 26-06-2018

Eindredactie: Redactie Gezondheidsplein

Deze informatie is gecontroleerd door:

Deze tekst is goedgekeurd door het Epilepsiefonds.

Cookies

Gezondheidsplein

Om je een informatieve en prettige online ervaring te bieden, maken Gezondheidsplein.nl (onderdeel van solvo b.v.) en derden gebruik van verschillende soorten cookies. Hieronder vallen functionele, analytische en persoonlijke cookies. Met deze cookies kunnen we de werking van onze website verbeteren en je van gepersonaliseerde advertenties voorzien.

Door op ‘Akkoord en doorgaan’ te klikken, gaat u akkoord met het plaatsen van alle cookies zoals omschreven in onze privacy- & cookieverklaring.

Cookievoorkeuren

Je kunt hieronder toestemming geven voor het plaatsen van persoonlijke cookies. Met deze cookies houden wij en onze partners je gedrag op onze website bij met als doel je persoonlijke advertenties te tonen en onze website te optimaliseren.

Selecteer welke cookies je wil accepteren