Het postpolio syndroom, ook wel PPS, komt voor bij mensen die jaren geleden polio hebben gehad. "Post" betekent dus niks anders dan, "na" de polio. Het poliovirus heeft ervoor gezorgd dat er zenuwcellen in het ruggenmerg dood zijn gegaan. Na het poliovirus moeten er dus veel minder zenuwcellen dezelfde arbeid verrichten. Omdat dit een erg grote belasting is, kan het zijn dat deze cellen het na vele jaren niet meer aankunnen. Dit zorgt voor nieuwe verschijnselen, zoals:
- spierzwakte;
- verminderd uithoudingsvermogen;
- ongewone en snelle vermoeidheid;
- spier- en/of gewrichtspijn;
- problemen met slikken, kauwen en spreken (dit slechts in enkele gevallen);
- slecht verdragen van kou;
- kortademigheid.