Nieuwe campagne KWF richt zich op kinderen en kanker
KWF, 18-02-2003 | Ga naar het archief »
Kanker verstoort het leven van kinderen drastisch. Voor kinderen van wie de vader of moeder kanker heeft is er nog te weinig aandacht en zorg op maat. Op 18 februari start de Nederlandse Kankerbestrijding/Koningin Wilhelmina Fonds (KWF) daarom met de campagne: 'In de wereld van kinderen hoort geen kanker'.
Tot 1 juli richt het KWF zich op kinderen tot 16 jaar die van dichtbij met kanker te maken krijgen. Het KWF lanceert in het kader van deze campagne ook het 'KWF-Rugzakje', met daarin een aantal concrete hulpmiddelen voor kinderen en hun ouders.
Jaarlijks worden in Nederland circa 8400 kinderen in hun directe omgeving met kanker geconfronteerd. Daarbij zijn 400 kinderen die zelf kanker hebben. Daarnaast krijgen circa 2500 kinderen in de leeftijd van 6-12 jaar en 5500 kinderen in de leeftijd van 12-16 jaar te maken met kanker in de gezinssituatie.
Het wetenschappelijk onderzoek naar de impact van kanker op kinderen in het gezin staat nog in de kinderschoenen. Uit de praktijk blijkt dat de invloed groot is en dat ouders behoefte hebben aan ondersteuning om hun kinderen zo goed mogelijk op te vangen. Kinderen kunnen heel verschillend reageren: van zich stil terugtrekken tot uiterst hulpvaardig of baldadig, of problemen krijgen op school.
Voor kinderen in de basisschoolleeftijd heeft het KWF het rugzakje ontwikkeld met daarin een videoband en een 'kankerwoordenboekje'. Voor kinderen van 6-9 jaar is er de videoband 'Storm' en voor kinderen van 10-12 jaar de videoband 'de Praatstoel'. Op deze video's laten leeftijdgenoten horen en zien hoe zij zich er doorheen hebben geslagen toen hun vader of moeder kanker kreeg. De rugzakjes bevatten ook het kankerwoordenboekje met daarin woorden die te maken hebben met kanker: medische woorden en emotionele woorden zoals 'eng', 'boos' 'houden van' en 'chemotherapie'.
Voor kinderen met een zieke vader of moeder is er een eigen website: www.kankerspoken.nl. Ook ouders en leerkrachten kunnen op deze site op hen toegesneden informatie vinden. Voor ouders brengt het KWF ook een geheel vernieuwde brochure 'Kanker - en hoe moet het nu met mijn kinderen'. Deze brochure en het KWF-Rugzakje zijn te bestellen via www.kankerbestrijding.nl/serv_fr.cfm.
Naast het medisch wetenschappelijk onderzoek op het gebied van kinderkanker wordt er in Nederland veel onderzoek verricht naar de psychosociale gevolgen van kinderkanker en de behandeling daarvan. Het gaat daarbij om de kwaliteit van leven van de 'survivors', bijvoorbeeld een langdurig landelijk onderzoek naar het cognitief functioneren van kinderen behandeld voor leukemie. Nederland neemt met dit soort onderzoek een vooraanstaande plaats in in het sociale kankeronderzoek.
Voor de kinderen die nu worden behandeld, hun ouders, broertjes en zusjes komt er steeds meer steun om door een bedreigende, intensieve periode te komen. De Vereniging Ouders, Kinderen en Kanker biedt uitgebreide informatie en persoonlijke ondersteuning door ouders, die zo'n ziekteperiode met hun kind eerder hebben meegemaakt.
In Nederland zijn zeven kinderoncologische centra, waar de meeste kinderen met kanker worden behandeld. In deze grotendeels door het KWF gefinancierde centra vindt ook het wetenschappelijk onderzoek naar kinderkanker plaats. En met succes: de overlevingskansen van kinderen met kanker zijn de afgelopen jaren gestegen van 50 naar 70 procent. Voor een bepaald type leukemie bij kinderen (acute lymfatische leukemie) is de overlevingskans al meer dan 80 procent. Maar bij patiëntjes met een hersentumor, de tweede meest voorkomende soort kanker bij kinderen, zijn de vooruitzichten minder goed: de overleving voor hen is 60 procent.
Daarom zal het KWF de komende jaren voldoende moeten investeren in wetenschappelijk onderzoek om de behandeling van kinderkanker verder te verfijnen en te verbeteren, zodat de overlevingskansen van alle kinderen met kanker worden vergroot. Daarnaast is nog veel psychosociaal onderzoek nodig, met name naar wat kanker voor alle gezinsleden betekent.
Tot 1 juli richt het KWF zich op kinderen tot 16 jaar die van dichtbij met kanker te maken krijgen. Het KWF lanceert in het kader van deze campagne ook het 'KWF-Rugzakje', met daarin een aantal concrete hulpmiddelen voor kinderen en hun ouders.
Jaarlijks worden in Nederland circa 8400 kinderen in hun directe omgeving met kanker geconfronteerd. Daarbij zijn 400 kinderen die zelf kanker hebben. Daarnaast krijgen circa 2500 kinderen in de leeftijd van 6-12 jaar en 5500 kinderen in de leeftijd van 12-16 jaar te maken met kanker in de gezinssituatie.
Het wetenschappelijk onderzoek naar de impact van kanker op kinderen in het gezin staat nog in de kinderschoenen. Uit de praktijk blijkt dat de invloed groot is en dat ouders behoefte hebben aan ondersteuning om hun kinderen zo goed mogelijk op te vangen. Kinderen kunnen heel verschillend reageren: van zich stil terugtrekken tot uiterst hulpvaardig of baldadig, of problemen krijgen op school.
Voor kinderen in de basisschoolleeftijd heeft het KWF het rugzakje ontwikkeld met daarin een videoband en een 'kankerwoordenboekje'. Voor kinderen van 6-9 jaar is er de videoband 'Storm' en voor kinderen van 10-12 jaar de videoband 'de Praatstoel'. Op deze video's laten leeftijdgenoten horen en zien hoe zij zich er doorheen hebben geslagen toen hun vader of moeder kanker kreeg. De rugzakjes bevatten ook het kankerwoordenboekje met daarin woorden die te maken hebben met kanker: medische woorden en emotionele woorden zoals 'eng', 'boos' 'houden van' en 'chemotherapie'.
Voor kinderen met een zieke vader of moeder is er een eigen website: www.kankerspoken.nl. Ook ouders en leerkrachten kunnen op deze site op hen toegesneden informatie vinden. Voor ouders brengt het KWF ook een geheel vernieuwde brochure 'Kanker - en hoe moet het nu met mijn kinderen'. Deze brochure en het KWF-Rugzakje zijn te bestellen via www.kankerbestrijding.nl/serv_fr.cfm.
Naast het medisch wetenschappelijk onderzoek op het gebied van kinderkanker wordt er in Nederland veel onderzoek verricht naar de psychosociale gevolgen van kinderkanker en de behandeling daarvan. Het gaat daarbij om de kwaliteit van leven van de 'survivors', bijvoorbeeld een langdurig landelijk onderzoek naar het cognitief functioneren van kinderen behandeld voor leukemie. Nederland neemt met dit soort onderzoek een vooraanstaande plaats in in het sociale kankeronderzoek.
Voor de kinderen die nu worden behandeld, hun ouders, broertjes en zusjes komt er steeds meer steun om door een bedreigende, intensieve periode te komen. De Vereniging Ouders, Kinderen en Kanker biedt uitgebreide informatie en persoonlijke ondersteuning door ouders, die zo'n ziekteperiode met hun kind eerder hebben meegemaakt.
In Nederland zijn zeven kinderoncologische centra, waar de meeste kinderen met kanker worden behandeld. In deze grotendeels door het KWF gefinancierde centra vindt ook het wetenschappelijk onderzoek naar kinderkanker plaats. En met succes: de overlevingskansen van kinderen met kanker zijn de afgelopen jaren gestegen van 50 naar 70 procent. Voor een bepaald type leukemie bij kinderen (acute lymfatische leukemie) is de overlevingskans al meer dan 80 procent. Maar bij patiëntjes met een hersentumor, de tweede meest voorkomende soort kanker bij kinderen, zijn de vooruitzichten minder goed: de overleving voor hen is 60 procent.
Daarom zal het KWF de komende jaren voldoende moeten investeren in wetenschappelijk onderzoek om de behandeling van kinderkanker verder te verfijnen en te verbeteren, zodat de overlevingskansen van alle kinderen met kanker worden vergroot. Daarnaast is nog veel psychosociaal onderzoek nodig, met name naar wat kanker voor alle gezinsleden betekent.
Lees meer over de in dit nieuwsbericht vermelde aandoeningen: