Nederlanders slapen slecht
NSWO, 18-05-2005 | Ga naar het archief »
Nederlanders zijn slechte slapers. Maar liefst 40 procent van de bevolking geeft aan regelmatig last te hebben van slaapproblemen zoals wakker liggen, snurken of de zogenaamde ‘rusteloze benen’. Dat blijkt uit onderzoek van 'nachtmerriedeskundige' Victor Spoormaker. Hij promoveert op 19 mei 2005 aan de faculteit Sociale Wetenschappen.
Slapeloosheid komt als klacht het vaakst voor. 8.5 procent van de Nederlanders heeft hier last van. Het ‘rusteloze benen syndroom’ komt voor bij 5 procent, slaap apneu (ademhalingsproblemen tijdens de slaap, met o.a. snurken als symptoom) bij 4 procent, en nachtmerries bij 2.2 procent van de Nederlandse bevolking. Andere slaapstoornissen zoals een verstoord slaap-waak ritme en narcolepsie (o.a. met slaapaanvallen overdag) komen bij minder dan 2 procent voor.
Vaak modderen mensen met slaapproblemen jaren door of krijgen slaapmiddelen van de arts voorgeschreven. Dit terwijl de klachten vaak goed te behandelen zijn met denk- en doe-oefeningen. Bovendien bestaan er speciale slaapcentra zoals het Slaap- en Waakcentrum van Kempenhaeghe in Heeze, of de slaapkliniek van het Medisch Centrum Haaglanden in Den Haag.
Uit het onderzoek van Spoormaker, dat zich vooral richtte op nachtmerries, bleek dat mensen met nachtmerries konden leren om in hun nachtmerrie bewust te worden: het zogenaamde lucide dromen. Door tijdens het dromen bewust te worden, kunnen mensen de angstaanjagende situatie in hun droom (bijvoorbeeld een achtervolging) oplossen (door de achtervolger weg te jagen, of ermee in gesprek te gaan, of samen een patatje te gaan eten). Een training van twee uur - en daarna blijven oefenen - was in de meeste gevallen al voldoende voor minder nachtmerries.
Lees meer:
Dossier Slapen
Dossier Rusteloze benen
Slapeloosheid komt als klacht het vaakst voor. 8.5 procent van de Nederlanders heeft hier last van. Het ‘rusteloze benen syndroom’ komt voor bij 5 procent, slaap apneu (ademhalingsproblemen tijdens de slaap, met o.a. snurken als symptoom) bij 4 procent, en nachtmerries bij 2.2 procent van de Nederlandse bevolking. Andere slaapstoornissen zoals een verstoord slaap-waak ritme en narcolepsie (o.a. met slaapaanvallen overdag) komen bij minder dan 2 procent voor.
Vaak modderen mensen met slaapproblemen jaren door of krijgen slaapmiddelen van de arts voorgeschreven. Dit terwijl de klachten vaak goed te behandelen zijn met denk- en doe-oefeningen. Bovendien bestaan er speciale slaapcentra zoals het Slaap- en Waakcentrum van Kempenhaeghe in Heeze, of de slaapkliniek van het Medisch Centrum Haaglanden in Den Haag.
Uit het onderzoek van Spoormaker, dat zich vooral richtte op nachtmerries, bleek dat mensen met nachtmerries konden leren om in hun nachtmerrie bewust te worden: het zogenaamde lucide dromen. Door tijdens het dromen bewust te worden, kunnen mensen de angstaanjagende situatie in hun droom (bijvoorbeeld een achtervolging) oplossen (door de achtervolger weg te jagen, of ermee in gesprek te gaan, of samen een patatje te gaan eten). Een training van twee uur - en daarna blijven oefenen - was in de meeste gevallen al voldoende voor minder nachtmerries.
Lees meer:
Lees meer over de in dit nieuwsbericht vermelde aandoeningen: