Het syndroom van Turner is een aangeboren afwijking die alleen bij meisjes voorkomt. Normaal gesproken heeft een meisje in al haar lichaamscellen twee zogenaamde geslachtschromosomen (de X-chromosomen). Bij meisjes met Turner ontbreekt één van die X-chromosomen geheel of gedeeltelijk. Soms in alle lichaamscellen, bij anderen maar in een gedeelte.
Het belangrijkste lichamelijke kenmerk is achterblijvende lengtegroei. Meisjes met Turner worden vanzelf meestal niet langer dan ongeveer 1.50 meter. Behandeling met groeihormoon kan ervoor zorgen dat toch een lengte tot 1.60 meter bereikt wordt.
Door het ontbrekende chromosoom werken de eierstokken en de productie van geslachtshormoon niet goed. Daardoor komt een meisje met Turner vaak niet vanzelf in de puberteit. Dat wil zeggen dat borstontwikkeling en de menstruatie niet spontaan op gang komen. Ze hebben vaak kleine geslachtsdelen en weinig schaam- en okselbeharing. Behandeling met geslachtshormonen (oestrogeen en progesteron) helpt om de geslachtelijke ontwikkeling toch op gang te brengen.
Bij het syndroom passen nog verschillende kenmerken, die echter bijna nooit allemaal tegelijk voorkomen: