Mazelen

(Morbilli;Kinderziekte (mazelen))

Mazelen kwam vroeger veel voor, maar in 1963 werd een mazelenvaccinatie geïntroduceerd, waardoor de ziekte belangrijk is teruggedrongen. Een kleine minderheid, ongeveer 5%, van de volwassenen kunnen ondanks het vaccin toch mazelen krijgen. De beste garantie op immuniteit is nog altijd het krijgen van de mazelen zelf: als je het eenmaal hebt gehad, krijg je het niet meer. Aanleiding om een vaccin te ontwikkelen, was het risico van mazelen voor ernstiger, bijkomende bacteriële infecties. Hoewel de mazelen normaliter gunstig verlopen bij kinderen, brengt het toch een risico met zich mee voor hersen- en longontsteking. Dat komt doordat bij mazelen de weerstand omlaag gaat, en een kind dan kwetsbaarder is. Zo kunnen bij mazelen ook middenoorontsteking en bronchitis optreden. Mazelen zijn heel besmettelijk doordat het zich verspreidt via vochtdeeltjes die worden uitgehoest en ingeademd. Zo wordt het verantwoordelijke virus ingeademd. Mazelen begint met een verkoudheid, met loopneus, hoest, soms al wat koorts, en soms conjunctivitis. De ogen doen pijn en zijn gevoelig voor licht, en het kind krijgt spierpijn en hoofdpijn. Na ongeveer twee weken verschijnen de eerste vlekjes in de mond. Kort daarna begint de voor mazelen zo typische huiduitslag en schiet de koorts meestal hoog. De uitslag wordt gekenmerkt door vlakke, bruinrode vlekjes en begint meestal achter de oren en in het gezicht. De lymfeklieren zwellen op en het kind heeft weinig eetlust, kan overgeven en diarree hebben. De vlekjes jeuken niet, maar het kind voelt zich erg ziek. Raadpleeg uw dokter als de koorts nog dagen aanhoudt wanneer de uitslag al begint te genezen.


Deze tekst is goedgekeurd door: H. Vrij-Mazee, arts


Dossiers

Stel je vraag

Tweet