Darmkanker

Diagnose

Als darmkanker in een vroeg stadium ontdekt wordt, is de kans op genezing groot. De huisarts kan aan de hand van je klachten, een lichamelijk onderzoek en een rectaal onderzoek vermoeden dat er sprake is van dikkedarmkanker. Hij zal je dan doorsturen naar een specialist. Dit kan een internist, chirurg of maag-lever-darmarts zijn. De specialist zal het lichamelijk onderzoek en het rectaal onderzoek herhalen. Als hij hetzelfde vermoeden heeft als de huisarts, zullen de volgende onderzoeken volgen:

  • Endoscopie.
    Bij een endoscopie bekijkt de specialist de darm via een dunne buis of slang waaraan een kleine camera is bevestigd. Tijdens de endoscopie kan er verdacht weefsel weggenomen worden voor microscopisch onderzoek. Door middel van dit microscopisch onderzoek kan de diagnose dikkedarmkanker gesteld worden.
  • Röntgenonderzoek.
    Door middel van röntgenonderzoek kunnen afwijkingen aan de dikke darm, zoals een tumor, aangetoond worden. Voor dit onderzoek moeten je darmen goed leeg zijn. Je krijgt daarom van tevoren instructies over je voeding en je moet de dag van tevoren laxeermiddelen nemen. 
    Bij het röntgenonderzoek worden röntgenfoto’s gemaakt van je darmen. Om je darmen goed zichtbaar te maken op de foto’s krijg je contrastvloeistof en lucht toegediend. Hier kan je darmkrampen van krijgen. Het onderzoek is vervelend, maar niet pijnlijk of belastend. Op basis van de röntgenfoto’s kan de diagnose dikkedarmkanker gesteld worden.

Behandeling van darmkanker

Als vastgesteld is dat je dikkedarmkanker hebt, wordt er een CT-scan, MRI-scan of echografie gemaakt. Dit wordt gedaan om vast te stellen wat het stadium van de ziekte is en welke behandeling het meest geschikt is.
Het kan even duren voordat alle noodzakelijke onderzoeken gedaan zijn en je hier de uitslagen van krijgt. Dit kan voor veel spanning en onzekerheid zorgen. Het helpt als je weet wat er precies bij de onderzoeken gaat gebeuren. Als dit niet verteld wordt, vraag hier dan gerust naar op de afdeling waar de onderzoeken plaatsvinden of vraag het aan je specialist. 
Het doel bij de behandeling van dikkedarmkanker kan zowel genezing (curatieve behandeling) als vermindering van klachten of remmen van de ziekte (palliatieve behandeling) zijn. De meest toegepaste behandelingen bij dikkedarmkanker zijn:

  • Operatie (chirurgie).
    Tijdens een operatie wordt geprobeerd de tumor volledig te verwijderen. Vaak wordt ook een deel van het weefsel om de tumor heen verwijderd. De operatie heeft geen gevolgen voor de darmfunctie. Soms is er een tijdelijk stoma (uitgang van de darm) op de buik nodig.
  • Bestraling (radiotherapie).
    Bestraling wordt vooral toegepast bij patiënten die een tumor in de endeldarm hebben. Bestraling is een plaatselijke behandeling met als doel de kankercellen te vernietigen, terwijl de gezonde cellen zoveel mogelijk gespaard blijven.
  • Behandeling met celdodende of celdelingremmende medicijnen (chemotherapie).
    Chemotherapie is een behandeling van kanker met celdodende of celdelingremmende medicijnen: cytostatica. Er zijn verschillende soorten cytostatica, elk met een eigen werking. De medicijnen kunnen op verschillende manieren worden toegediend: per infuus, per injectie of als tablet.
    Via het bloed verspreiden de medicijnen zich door je lichaam en kunnen op bijna overal de kankercellen bereiken. Vaak worden er combinaties van verschillende medicijnen gegeven.
    Chemotherapie bij dikkedarmkanker neemt één of meerdere dagen in beslag. Hierna heb je een rustperiode van drie of vier weken. Zo'n periode is dan één kuur. Op die zelfde manier volgt nog een aantal kuren. Meestal krijg je 6-8 kuren. 

Vaak is er sprake van een combinatie van bovenstaande behandelingen. 


Deze tekst is goedgekeurd door: H. Vrij-Mazee, arts


Wist je dat?

Er een online spreekuur chronische pijn bij kanker is?  Heb je vragen over pijn bij kanker of pijn bij de behandeling van kanker, stel deze dan aan de pijnspecialisten van dit spreekuur. Klik hier.

Wist je dat?

Wanneer kanker behandeld wordt met uitwendige bestraling, je als gevolg van deze bestraling huidproblemen en huidirritatie kunt ondervinden? Bij een uitwendige bestraling wordt je huid (op de plek van de tumor) van buitenaf bestraalt met radioactieve golven. Binnen het bestraalde gebied kan je huid na enkele weken beginnen rood te worden. Ook kan je huid kan gaan irriteren en (zeer) pijnlijk aanvoelen. Het is daarom goed om te weten hoe je je huid het beste kunt behandelen tijdens maar ook na de behandeling. Hierover lees je meer in het dossier huiduitslag en huidirritatie

Dossiers

Stel je vraag

Tweet